Heren 1 – 27 holes: Landskampioen van Nederland!

Het staat er echt. En het is echt waar.

Een rekening uit het verleden
Sommige verhalen beginnen niet bij de start, maar bij een oude wond. Voor de heren van De Hooge Rotterdamsche Heren 1 – 27 holes begon dit seizoen vorig jaar al, in die ene laatste poulewedstrijd. Toen ging Heemskerkse 1 op basis van gewonnen partijen – niet op wedstrijdpunten – door naar de kruisfinales om het landskampioenschap. De Hooge Rotterdamsche werd toen tweede. Zo dichtbij, en toch zo onverbiddelijk net naast de prijs. Het soort tweede plaats dat een heel jaar blijft knagen.

Met dat gevoel stapte het team van captain Arnoud Gast in een sterkere samenstelling dit voorjaar opnieuw de NGF Voorjaarscompetitie in: Arnoud, Stijn Rhodes, Carel Verhoeff, Rodin Prinsen, Rutger van der Cammen, Eirikur Gudmundsson en Ragnar Ragnarsson. Ingedeeld in Poule H204, met Westfriese 1, Olympus 1, Anderstein 1 en – wederom – Heemskerkse 1.

De poule: van rekening naar rekening vereffend
De eerste competitiewedstrijden van het seizoen hadden meteen iets te bewijzen. Waar het vorig jaar net niet was, vond het team dit keer wél de juiste marges. Wedstrijd na wedstrijd werd het team hechter, scherper en koelbloediger op de momenten die ertoe doen. De partijen tegen Westfriese, Olympus en Anderstein werden afgewerkt met de overtuiging van een ploeg die wist waarvoor het kwam, en het weerzien met Heemskerkse – de spelbreker van vorig jaar – kreeg al in het eerste weekend het vervolg waar iedereen stiekem op had gehoopt.

Aan het eind van de reguliere competitie stond De Hooge Rotterdamsche bovenaan: kampioen van Poule H204. De rekening van vorig jaar: vereffend. En dit keer ging het ticket naar de kruisfinales wél de goede kant op.

Want kampioen worden in je poule is een prestatie. Maar dán ook nog de finale om het landskampioenschap halen – dat is iets heel anders. Dat is groots. Maar dan moest er eerst nog een halve finale worden gespeeld.

Zaterdag 30 mei 2026: de favoriet onttroond
In het finaleweekend werden zowel de halve finale als de finale gespeeld op Haviksoord; een mooie aangelegde smalle en technische bos-baan in de buurt van Eindhoven. En meteen was er een tegenstander om stil van te worden: Veldzijde, de afgelopen twee jaar landskampioen, de gedoodverfde favoriet. Ragnar moest door een blessure helaas verstek laten gaan, maar de rest van het team had maar één boodschap: vandaag valt de regerend kampioen.

Na de greensomes in de ochtend stond het al 5–1 voor De Hooge Rotterdamsche. Een droomstart – maar ook een opdracht: in de middag moesten er minstens vijf punten bij om zondag de finale te halen.

En toen liep Arnoud de ronde van zijn leven. Zeven (!) birdies. Op hole 17 sloeg hij de eerste twee punten van de middag binnen: 3&1. Carel was toen allang klaar; met een puike score van slechts één slag boven par had hij zijn tegenstander volledig het zwijgen opgelegd en de partij na dertien holes uitgemaakt: 6&5. Opgewekt liep hij terug de baan in om zijn teamgenoten aan te moedigen.

Daarna werd het billenknijpen. In drie partijen stond Veldzijde voor, in slechts één partij De Hooge Rotterdamsche. Het kon nog alle kanten op. Maar Rodin hield het hoofd koel en trok zijn partij over de streep: 3&2. Daarmee was het bewijs geleverd én de finale binnen. De tweevoudig landskampioen werd met 11–7 overklast door De Hooge Rotterdamsche.

Tussen de dagen in: een kink in de kabel
De heren overnachtten in een hotel vlakbij de baan in Leende en gingen vroeg naar bed. Net als op zaterdag had Arnoud via de app GolfGameBook de inlogcode voor de wedstrijd gedeeld, zodat alle thuisblijvers live het scoreverloop konden volgen tijdens het finaleweekend.

Maar er dreigde een kink in de kabel te komen. Eirikur had na zijn ronde op zaterdag last gekregen van zijn rug en kon zondag niet spelen. En Ragnar? Die liep al op krukken door een knieblessure – geen optie. Na het raadplegen van het competitiereglement en een kort overleg met de coördinator van de NGF mocht er (geheel volgens de regels) een vervanger worden opgeroepen. Jungha Jung bleek beschikbaar en voegde zich zondagochtend vroeg bij het team voor de laatste bespreking, vlak voordat de greensomes begonnen.

Zondag 31 mei 2026: de finale tegen De Lingewaelsche
De tegenstander in de finale was De Lingewaelsche, dat op zaterdag Emmeloord met 13–5 naar huis had gestuurd. Qua handicaps ontliepen beide finalisten elkaar niet veel – maar een handicap op de Kroonprins blijkt toch net iets minder waard dan een handicap op De Hooge Rotterdamsche.

De greensomes werden een achtbaan. Rodin en Carel verloren hun partij op hole 8. Arnoud en super-sub Jungha wonnen – óók op hole 8. Stand in evenwicht, en alles hing nog aan het laatste duo in de baan.

Stijn en Rutger stonden na hole 7 droomachtig 2 up, maar verloren hole 8 – en bij De Lingewaelsche ontstond het idee dat er nog wel een puntje te halen viel. Beide teams legden een fantastische drive midden op de fairway, een meter of tachtig voor de green. En toen sloeg Rutger zijn wedge ver over de green, tot diep in de bosjes, terwijl de tegenstander de bal netjes op de rand van de green legde.

Een verloren hole, zou je zeggen. Ieder ander team had het opgegeven. Maar ieder punt telt en is het waard om voor te strijden – en het onmogelijke gebeurde. De bal werd gevonden, en Stijn sloeg een wonderschone wedge uit de struiken zó de green op, met nog een putt van een meter of vier over. De Lingewaelsche putte tot vlak bij de hole – gimmie, par.
Dus moest Rutger de putt maken om de partij te winnen. En nog voordat de bal ging rollen, zei captain Arnoud het al hardop tegen de tegenstander: “Die gaat recht in het hart van de cup…” En zo geschiedde. Rutger drukte hem erin. De heren gingen met een 4–2 voorsprong lunchen.

De singles: een middag op het scherp van de snede
Inmiddels was er aardig wat publiek gekomen. Vrienden en familie van de spelers en leden van het bestuur, onder wie onze voorzitter Tjeerd Veenstra, waren van de partij. En het werd een middag die niemand van hen snel zal vergeten – want de singles hielden de spanning erin tot de laatste slag, de laatste putt. Liefst vier partijen werden pas op hole 18 beslist.

Carel had het zwaar. Ondanks een prachtige Eagle op hole 2 was zijn partij na dertien holes al verloren: 6&5. En toen werd het écht spannend. Op een gegeven moment was de wedstrijd volledig in evenwicht, en heel even stond De Lingewaelsche zelfs vóór.

Rutger had zich vastgebeten in zijn tegenstander en gaf geen krimp. Tot en met hole 14 liep hij één slag boven de baan – gewoon ijzersterk golf – en hij won met 5&4.

Arnoud maakte de finale daarna weer héél spannend. Een hard bevochten voorsprong van 1 up verspeelde hij door de holes 16 en 17 op rij te verliezen, waardoor hij ineens 1 down stond. Een prachtige par op de loodzware hole 18 was helaas net niet genoeg om er nog een halfje uit te slepen, en hij verloor zijn partij. Tussenstand: 6–6, met nog drie partijen in de baan.

Stijn speelde steady golf en liet zich door niets gek maken. Ondanks een paar ongelukkige bounces en slechte liggingen bleef hij zijn parren maken. All Square ging hij door de turn. Hij won de holes 10 en 11, verloor 12 en 13, herpakte zich en stond na hole 16 dormy 2 up – niet meer te verslaan. Maar na verlies van hole 17 was het zaak hole 18 in elk geval niet te verliezen. De tegenstander sloeg een fantastisch ijzer van de tee naar het midden van de fairway. Omdat de afslag op 18 over water gaat, koos Stijn voor de veilige lijn, sloeg zijn driver dóór de fairway heen en hield een slag over hoge bomen naar de green over. De tegenstander had nog maar een kleine wedge, dus Stijn moest de slag naar de green wagen – en na een weergaloze klap belandde de bal net naast de green in de rough. De tegenstander sloeg zijn wedge te kort en hield een hele lange birdieputt over. Stijn schatte ondertussen zijn chip iets verkeerd in en schoot zo’n drie meter voorbij de hole. Putten voor par dus, terwijl de tegenstander een kort puttje voor par overhad. En wat doe je dan? Dan maak je gewoon die putt. Bám – in de hole. Niks halveren: gewoon winnen, twee punten in de pocket. 8–6!

Rodin keek tot hole 12 tegen een achterstand aan, maar bracht het toen terug naar All Square. Op hole 14 kwam hij opnieuw 1 down, een achterstand die hij op hole 16 weer wegpoetste met winst op die hole. Op hole 18 werd het echt spannend: Rodin sloeg een approach die de green rechts miste en de helling afrolde. Gelukkig waren de zenuwen óók de baas over zijn tegenstander, die zijn bal links van de green liet landen. Beiden rondden de hole af met een bogey en de partij eindigde All Square. 9–7.

En toen was er nog één partij in de baan – met onze redder in nood, Jungha. Ik geef het je te doen: je wordt op een zaterdagavond gebeld door de captain van Heren 1 met de vraag of je even komt invallen om mee te spelen om het landskampioenschap. Je kent de baan niet, je bent net zelf met je eigen team kampioen geworden in de tweede klasse, en dan mag je ineens met de grote jongens mee. Het is dan ook niet zo gek dat je bij de turn opeens 4 down staat – vijf holes verloren, slechts één gewonnen.

Maar deze Jungha heeft ijs door zijn aderen lopen. Carel was al een tijd klaar met zijn ronde en liep vanaf dat moment mee met Jungha; Jungha wilde van de stand niets weten en wilde op de tweede negen simpelweg zijn beste golf spelen – dan zagen we daarna wel verder. Van 4 down werd het 3 down, 2 down, 1 down, en na hole 14 stond de partij All Square. Hij verloor hole 15 na een mooie birdie van zijn tegenstander, maar trok de stand meteen weer gelijk door hole 16 te winnen. Nog twee holes te gaan – en wij hadden nog maar één puntje nodig, dus een gelijkspel was al genoeg.

Vanaf de green van hole 18 kun je, aan de overkant van het water, ook de green van hole 17 zien liggen. Luid applaus! De bal van Jungha’s tegenstander landde vlak bij de hole, waardoor De Lingewaelsche een play-off voor de overwinning dichterbij zag komen. Maar Jungha bleef volledig bij zijn eigen spel, nam de tijd voor zijn putt voor par, herhaalde zijn routine en maakte hem. De hole werd gehalveerd, de partij bleef All Square. Op naar de 18e tee.

Beide heren sloegen een prima drive naar het midden van de fairway. Op de green ontvouwde zich ondertussen nog de ontknoping van Rodin’s partij. Jungha was zich van de stand in de wedstrijd totaal niet bewust. Toen de green vrij was – na een minuut of tien wachten – sloeg de tegenstander eerst: een prima bal, iets te hard, net door de green de rough in. En toen Jungha, die man met ijs in zijn aderen. Hij sloeg zijn neon-groene Vice Pro Plus van zo’n 130 meter op de voorkant van de green, en die rolde uit tot een meter of drie van de vlag. Over koelbloedig gesproken. Luid applaus van het team en de supporters van De Hooge Rotterdamsche.

Het enige dat de directe overwinning nu nog in de weg kon staan: dat De Lingewaelsche de bal uit de rough zou inchippen én dat Jungha zijn putt zou missen. De chip werd geduft en haalde de hole niet. Jungha bleef zijn routine volgen en nam de tijd. Wij wisten dat twee putts al genoeg waren; Jungha wist dat niet – maar zoals in elk jongensboek maakte de super-sub de overwinning compleet door de putt gewoon in de hole te drukken. Birdie! Winst in de partij, winst in de wedstrijd.

De Hooge Rotterdamsche is landskampioen. Kampioen van Nederland in de NGF Competitie, Hoofdklasse 27 holes. Eindstand 11–7. Een niet eerder vertoonde prestatie voor onze club.

Van een tweede plaats op gewonnen partijen vorig jaar naar de hoogste trede dit jaar. Van een gemiste kruisfinale naar de landstitel. Van zeven man met een rekening te vereffenen – plus één super-sub die op precies het juiste moment opstond – naar een ploeg die de geschiedenisboeken van De Hooge Rotterdamsche in is gegaan.

Mannen, jullie maken ons trots. Of zoals de geëmotioneerde Captain in zijn overwinningsspeech het zo mooi verwoordde: “Dit gaan we de rest van ons leven niet meer vergeten!”

Het staat er echt. En het is echt waar.

Namens de Competitie-Commissie,
Rene van der Laan
Voorzitter